25 februari 2015

Het vroeg signaleren van een licht verstandelijke beperking van een jong kind kan voordelig zijn. De omgeving van een kind weet dan namelijk waar afwijkend gedrag vandaan komt en hoe het daar het beste kan reageren. In de praktijk is het opsporen van dit gedrag echter niet zo makkelijk. Daarom ontwikkelde Kenniscentrum LVB een handreiking voor kindprofessionals met tips voor geschikte screeningsinstrumenten.

Een licht verstandelijke beperking is meestal niet meteen zichtbaar bij kinderen. Het wordt in eerste instantie vaak verward met 'lastig gedrag'. Volwassenen overschatten deze kinderen vaak. Dat is begrijpelijk omdat deze kinderen zich, bijvoorbeeld met taalgebruik, beter voordoen dan ze eigenlijk zijn. Ze gebruiken dan woorden en zinnen die ze ergens hebben opgevangen, maar die ze zelf eigenlijk niet helemaal begrijpen.

 

Pesten
Behalve overschatting door volwassenen, liggen ook pesten en uitsluiting op de loer. Kinderen met een licht verstandelijke beperking uiten hun onvermogen vaak door heftig te reageren op situaties. Dat doen alle kinderen wel eens, maar als kinderen steevast uit frustratie bijten, slaan of andere kinderen aan de haren trekken, is dat een signaal. Vaak kijken professionals dan eerst naar de ouders, maar dat is niet altijd terecht. De handreiking vroegsignalering van een LVB legt uit dat bepaald gedrag kan wijzen op een licht verstandelijke beperking en dat een eigen screening met één van de voorgestelde instrumenten uitsluitsel kan bieden.

 

Cognitieve ontwikkeling
Hoe herken je kinderen met een licht verstandelijke beperking als zij hun onvermogen zelf verborgen houden? Op iets oudere leeftijd kan het IQ uitsluitsel bieden. Er is een achterstand in de cognitieve ontwikkeling bij een IQ tussen de 50 en 70. Maar kinderen kunnen ook achterlopen op andere vaardigheden, zoals het sociaal aanpassingsvermogen, communicatie, het oplossingsvermogen bij problemen en praktische vaardigheden. De handreiking benadrukt dat een achterstand ook van tijdelijke aard kan zijn. Etiketten mogen daarom nooit blijvend zijn. Kinderen kunnen hun achterstanden soms ontgroeien.

 

Multi-probleemgezinnen
De feiten tonen aan dat het gezin waar een kind vandaan komt, de kans op een beperking kan beïnvloeden. Mensen met een licht verstandelijke beperking groeien namelijk relatief vaak op in zogenoemde multi-probleemgezinnen. Daar is dan sprake van een gebrekkige opvoedsituatie, bijvoorbeeld door armoede of langdurige werkloosheid.

 

Talenten
Er zijn ook risico's in een vroege signalering. Daarom meldt de handreiking dat het van belang is om op te merken dat ieder kind sterke en zwakke aspecten in zijn ontwikkeling heeft. Om te voorkomen dat de zwakke kanten voortdurend aandacht krijgen, moeten ook sterke kanten of kansen en talenten aandacht krijgen. Daar liggen immers mogelijkheden om de ontwikkeling te stimuleren. Omdat kinderen zich op jonge leeftijd in heel verschillende tempo's ontwikkelen, is het in die fase ook nog niet goed mogelijk om een eenduidige diagnose te stellen. Het signaleren van mogelijke risico's is wel belangrijk.

 

Instrumenten
Veel instrumenten die in de handreiking worden aangeraden voor het opsporen van een licht verstandelijke beperking , zijn wellicht al bekend. Een greep uit de suggesties: de Oudertest-Opvoedingsstijl, de D-screening, KIPPI, de SNEL-test en Piramide. Het handige is dat deze instrumenten allemaal kort worden besproken met linkjes naar meer informatie. Wordt een vermoeden van een licht verstandelijke beperking via de instrumenten bevestigd, dan doet de handreiking ook suggesties voor instrumenten voor aanvullend onderzoek.

 

Download hier de gratis handreiking